‘Welvaartsverlies door verdere verlaging LTV’

Verdere verlaging van de loan-to-value (LTV) voor woninghypotheken leidt tot verlies van welvaart en grotere prijsschommelingen op de woningmarkt.

Dat betogen Frans Schilder, Johan Conijn en Jan Rouwendal in een ASRE Research Paper. De loan-to-value wordt in stappen omlaag gebracht naar 100 procent in 2018, maar de commissie Wijffels adviseert een verdere reductie naar 80 procent. Die zou moeten voorkomen dat eigenaar-bewoners in de problemen komen als de woningmarkt onderuit gaat, zoals vanaf 2008 gebeurde.

Weinig heil

De onderzoekers zien weinig heil in die maatregel. De potentiële koopstarter zal veelal worden genoodzaakt om eerst te sparen. Een verlaging van de LTV naar 80 procent zal voor de gemiddelde koopstarter, als hij iedere euro boven de minimale Nibud-normen spaart, leiden tot een spaarperiode van ruim 4 jaar. Als hij de helft van dat maximum spaart loopt de spaarperiode op tot 8,5 jaar.

Ongewenst

Starters zullen volgens de onderzoekers geen goed alternatief hebben voor sparen. "De huursector wordt gedomineerd door de gereguleerde corporatiesector waarvoor inkomensgrenzen gelden. Het aanbod van geliberaliseerde huurwoningen is te beperkt om de extra vraag van koopstarters op te vangen. Het valt niet te verwachten dat aan deze beperkingen van de Nederlandse woningmarkt snel een einde komt. Dit maakt een verdere verlaging van de LTV tot onder 100 procent ongewenst."En overbodig, menen de onderzoekers: de risico’s op woningleningen kunnen al afdoende worden beperkt met de Nationale Hypotheek Garantie.