Vastgoed Actueel LMW

Lokale Monitor Wonen 2019: 76,1 procent passend gehuisvest

Particuliere huurders zijn gemiddeld 37% van hun inkomen kwijt aan totale woonlasten. Dat blijkt uit de Lokale Monitor Wonen 2019 van Aedes, Woonbond, G4, G40 en VNG. Op basis van inkomen bekijkt deze monitor ook hoeveel mensen ‘passend’ gehuisvest zijn. Dat geldt voor 76,1 procent.

De Lokale Monitor Wonen (LMW) wordt elk jaar uitgebracht en biedt inzicht in de betaalbaarheid van (huur)woningen en de kenmerken van de woningvoorraad per regio, gemeente en soms zelfs per wijk. Ook bijvoorbeeld de verhouding tussen het aantal huur- en koopwoningen zijn in kaart gebracht, evenals het aantal scheefwoners en de gemiddelde WOZ-waarde per gemeente.

De monitor is onderdeel van www.waarstaatjegemeente.nl. Dit platform bundelt, bewerkt en presenteert data van alle 355 Nederlandse gemeenten op alle belangrijke beleidsterreinen.

Verschillen met en zonder huurtoeslag

De LMW brengt ook verschillen in woonlasten tussen inkomensgroepen in beeld. De woonlasten bestaan uit de huur (verminderd met eventuele huurtoeslag), het energie- en waterverbruik, de lokale lasten en de waterschapslasten.
Huurders met huurtoeslag betalen in euro's minder woonlasten dan huurders die geen recht hebben op huurtoeslag, maar ze geven wel een groter deel van hun inkomen uit aan woonlasten: 33,3% versus 30,5% voor huurders zonder huurtoeslag.

Hogere woonlasten in particuliere sector

Huurders van middenhuurwoningen van woningcorporaties besteden gemiddeld 35,4% van hun inkomen aan woonuitgaven. De meeste middenhuurwoningen zijn echter van particuliere (commerciële) verhuurders. Huurders van dergelijke woningen besteden gemiddeld 40,9% van hun inkomen aan woonuitgaven. Dat is dus meer dan huurders van middenhuurwoningen van corporaties. De verklaring is dat de huren van particuliere verhuurders in het middensegment gemiddeld hoger liggen en de inkomens van de huurders juist wat lager.

Bron: VNG