Bouwplannen Zuid-Holland

Zuid-Hollandse regio’s hebben te veel bouwplannen buiten de stad

De provincie Zuid-Holland keurde recent slechts één van ingediende woningbouwplannen goed. CDA-gedeputeerde Adri Bom-Lemstra (ruimtelijke ordening), waarschuwt gemeenten en corporaties: “Vooral in niet-stedelijke regio’s zijn te veel bouwplannen.” Vastgoed toetste de beweegredenen van de provincie aan gedane onderzoeken en uitspraken van woningmarktexperts.

Van de zeven ingediende woningbouwplannen kreeg er slechts één groen licht van de provincie. Alleen Haaglanden kreeg akkoord op zowel haar woonvisie als de woningbouwprogrammering. Pijnlijk nieuws voor vier van de acht woonregio’s. Ze moeten plannen schrappen.

Genoeg planvoorraad

Onderaan de streep is er volgens gedeputeerde Adri Bom-Lemstra genoeg planvoorraad om tot 2025 aan de extra vraag van 140.000 woningen te voldoen. Uit onderzoek van TU Delft blijkt dat tot 2040 meer dan 250.000 woningen nodig zijn in de zuidelijke helft van de Randstand. Vraag is dus of Bom-Lemstra in de vijftien jaar die volgen na 2025 nog eens 110.000 woningen zal weten te realiseren? Volgens experts die Vastgoed heeft gesproken (editie 2 2017), is het in het algemeen, om te kunnen voldoen aan de woningbehoefte in de verdere toekomst, van groot belang dat er in ieder geval bouwlocaties worden aangewezen en dat er op tijd maar wel mondjesmaat bouwplannen worden goedgekeurd. Onderzoeker Edwin Buitelaar: “Dat wil niet zeggen dat alle locaties ook daadwerkelijk moeten worden ontwikkeld.” Beginnen met bouwen en de vinger aan de pols houden, adviseert directeur van NEPROM, Jan Fokkema. “Niet doorbouwen met de blik op oneindig, maar nu ook zeker niet inhouden.”

Stedelijke gebieden aanpakken

Bom-Lemstra verklaarde bij haar oproep: "Bij vrijwel alle gemeenten is de urgentie doorgedrongen dat de woningmarkt in Zuid-Holland oververhit raakt. Maar dat komt ook omdat woningen op de verkeerde plek zijn gebouwd, of niet het soort woningen zijn waar behoefte aan is. Onderzoeken en trends laten zien dat de trek naar de Randstad echt doorzet en dat die neerslaat in de stedelijke gebieden. We sturen er dus op dat de extra woningen dáár terecht komen. Daar moeten nu echt de handen uit de mouwen.’’

Niet in de buitengebieden

De gedeputeerde krijgt bijval van Hoogleraar Urban Design Rients Dijkstra van TU Delft: “Nieuwbouw in het algemeen moet zoveel mogelijk plaatsvinden binnen de bestaande stedelijke contouren. Gegeven de onzekerheid is het heel verstandig om terughoudend te zijn met bouwen in de open, groene ruimte. We moeten voorkomen dat we nu groene ruimtes opofferen en over vijftien jaar met een overcapaciteit aan woningen zitten”, zei hij tegen Vastgoed. De niet-stedelijke gebieden - waar veelal sprake is van vergrijzing en ontgroening – moeten volgens de gedupteerde Bom-Lemstra alleen bouwen voor de eigen behoefte, en niet om eventuele expansie van de stedelijke gebieden op te vangen.

Binnenstedelijk

Volgens onderzoek van PBL naar de woningbouwmogelijkheden in de bestaande stad, zou mevrouw Bom-Lemstra daar wel eens gelijk in kunnen hebben. Daar waar Amsterdam, Den Haag en de regio’s Zaanstad en Arnhem-Nijmegen worden aangeduid als regio’s waar zelfs bij het laagste groeiscenario voor huishoudens richting 2040, buitenstedelijk gebouwd zal moeten worden vanwege onvoldoende ruimte in de stad, heeft Zuid-Holland voldoende mogelijkheden om binnenstedelijk te bouwen. Daarbij blijkt ook nog eens uit een scan die Dijkstra als rijksadviseur liet uitvoeren naar de bestaande verstedelijkte ruimte in heel Zuid-Holland, dat verdichten, slopen en nieuwbouw in deze provincie 230.000 woningen kunnen opleveren. “Appartementen én vrijstaande huizen. Maar dan moeten wel alle overheden en marktpartijen de schouders eronder zetten. En soms is het nodig om wet- en regelgeving aan te passen. Waarmee ik wil zeggen: je moet het écht willen.”

Niet te veel gokken op transformatie

In haar reactie op de bouwplannen heeft Bom-Lemstra aangegeven binnenstedelijk veel te verwachten van herbestemming. Bij het transformeren van leegstaande kantoren en winkels naar woningbouw wil ze gemeenten nog beter ondersteunen. Dit is echter geen mandje waar de gedeputeerde te veel eieren in moet leggen, als het aan de experts ligt. De scan in opdracht van Dijksta toonde al aan dat het overgrote deel van woningen gerealiseerd moet worden middels verdichten, sloop en nieuwbouw. Buitelaar: “Ik verwacht niet zozeer veel van transformatie van bestaande woningen en leegstaande kantoren en winkels – daar haal je de grote woningaantallen niet mee – maar wel van onderbenutte bedrijventerreinen.”

Alleen eigen behoefte

Vooral de woningplannen van Zuid-Hollandse regio’s voor woningen bovenop de eigen behoefte van bewoners binnen de regio, sneuvelden. Dat gold bijvoorbeeld voor de plannen van de Rotterdamse regio en de woonvisies van Hoeksche Waard, Alblasserwaard-Vijfheerenlanden en Goeree-Overflakkee. Van hen aanvaardt de provincie alleen het onderdeel van de eigen behoefte. Voor de Drechtsteden en Midden-Holland wacht de provincie nog op een woonvisie. Deze regio’s hebben wel een actualisatie van het woningbouwprogramma aangeleverd. De programma’s van Drechtsteden en Midden-Holland zijn aanvaard; het woningbouwprogramma van Goeree-Overflakkee is deels aanvaard. Van de regio Holland-Rijnland heeft de provincie nog niets ontvangen.

Bom-Lemstra spreekt overigens wel haar waardering uit over de inspanningen van veel regio’s om snel te bouwen en over de toenemende aandacht in plannen voor de sociale woningbouw, verduurzaming van het woningbezit en de huisvesting van statushouders.