ronde vraagprijs

Op de Amsterdamse huizenmarkt, waar potentiële kopers met elkaar concurreren om koopwoningen, werd in 2017 meer betaald voor woningen met rondere vraagprijzen. Dat blijkt uit onderzoek van de Universiteit van Amsterdam en de Vrije Universiteit Amsterdam.

Het onderzoek van de beide universiteiten is gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Management Science.

Ronde vraagprijs in een verkopersmarkt

Een algemeen gegeven in de vastgoedwereld is dat een niet-ronde vraagprijs leidt tot biedingen en koopprijzen die dichter bij de vraagprijs liggen, dan een ronde vraagprijs. Het advies aan verkopers is dan ook om niet-ronde vraagprijzen vast te stellen. Zo ligt een vraagprijs op funda meestal op 249.000 euro in plaats van op 250.000 euro.

De onderzoekers concluderen dat dit advies klopt, maar alleen in een kopersmarkt waar potentiële kopers onder de vraagprijs bieden. In een verkopersmarkt waar kopers bóven de vraagprijs bieden, kunnen verkopers met ronde vraagprijzen hogere verkoopprijzen bewerkstelligen.

Experiment in de Verenigde Staten basis voor het onderzoek

De onderzoekers van de Faculteit Economie en Bedrijfskunde van de UvA en de Faculteit der Sociale Wetenschappen van de VU baseerden hun onderzoek op eerdere resultaten van een geregisseerd experiment in de VS. De deelnemers aan het onderzoek boden op koopwoningen die met verschillende vraagprijzen werden geadverteerd. Ze vonden dat niet-ronde prijzen leidden tot hogere boden in een kopersmarkt, maar tot lagere boden in een verkopersmarkt.

“Kopers reageren op een niet-ronde vraagprijs met een niet-rond bod en op een ronde vraagprijs met een rond bod”, legt hoofdauteur Margarita Leib uit. “Deze effecten vonden we voor zowel mensen met als zonder ervaring met het kopen of verkopen van woningen. Het effect lijkt dus een psychologisch basismechanisme van hoe mensen reageren op ronde en niet-ronde getallen”.

Amsterdamse verkopen in 2017

De onderzoekers analyseerden vervolgens alle Amsterdamse woningverkopen van 2017 (8.278 in totaal) van de NVM. De Amsterdamse woningmarkt in 2017 bood een mooie kans om de experimentele onderzoeksresultaten in de praktijk te testen.  Meer dan 70% van de woningen werd boven de vraagprijs verkocht, een duidelijke verkopersmarkt.

Coauteur Marc Francke: “Bieden boven de vraagprijs was in 2017 zo gewoon dat makelaars in Amsterdam vraagprijzen vanaf-prijzen noemden”. Uit de resultaten bleek dat het ronder maken van een vraagprijs met één decimaal, bijvoorbeeld van precies tot op de duizenden (249.000) tot precies tot op de tienduizenden (250.000), gepaard ging met een stijging van de verkoopprijs met 0,6%. Dat komt overeenkomt met gemiddeld 2.099 euro per verkochte woning.

Lees ook: Woningprijzen Amsterdam vlakken af

Strategie of toeval

Leib: “Een onbeantwoorde vraag is echter of de verkopers strategisch nadachten over de rondheid van vraagprijzen. Dit is iets dat we nog willen onderzoeken. Of het nu gaat om het kopen of verkopen van woningen in Amsterdam of elders, begrijpen hoe mensen op ronde vraagprijzen reageren, kan zeer waardevol zijn.”

Van het lab naar het veld

Coauteur Marieke Roskes: “Er is veel discussie over in hoeverre laboratoriumexperimenten bijdragen aan praktische kennis over zaken die van belang zijn voor de samenleving. We waren blij te zien dat wat we in het experiment vonden, ook te zien was op de Amsterdamse woningmarkt. De omvang van het effect was betekenisvol. Wanneer je je appartement verkoopt, is 2.099 euro extra een niet te verwaarlozen bedrag. De moeite waard dus om een ronde vraagprijs te gebruiken.”