Utrechtse gemeenten

Tien Utrechtse gemeenten vrezen dat de provincie hen te weinig ruimte geeft om woningen te bouwen. In een brief aan het provinciebestuur vragen zij dan ook om de regie voor woningbouw zoveel mogelijk bij hen te laten.

De Utrechtse gemeenten hebben plannen om tot 2040 in totaal 25.000 woningen te bouwen. Deze moeten voor een belangrijk deel buiten de stads- of dorpskernen worden gerealiseerd. Daarvoor hebben zij wel medewerking nodig van de provincie. Die werkt nu aan een interimverordening en omgevingsvisie. De gemeenten vrezen dat die zo strikt worden, dat het lastig of onmogelijk wordt om de woningen te bouwen.

Zo zijn de gemeentes onder meer bezorgd dat de mobiliteitseisen te zwaar worden. Ze vrezen dat de provincie nieuwbouwwijken kan tegenhouden. Dat kan bijvoorbeeld als blijkt dat daardoor de verkeersdruk op de omliggende provinciale wegen te veel toeneemt.

‘Nu inhaalslag maken’

In de brief schrijven de Utrechtse gemeenten dat er zo’n grote achterstand aan woningen is. Volgens hen moet er nu een inhaalslag worden gemaakt. Daarbij moet het principe “lokaal wat kan, provinciaal wat moet” leidend zijn. “Wij hopen op een werkbare verordening, met oog voor de lokale woonbehoefte, die leidt tot versnelling van de bouwproductie”, aldus de gemeenten.

De brief is ondertekend door de gemeenten Wijk bij Duurstede, Oudewater, Montfoort, Bunnik, Utrechtse Heuvelrug, De Ronde Venen, De Bilt, Lopik, IJsselstein, Vijfheerenlanden en Woerden.

Tekort aan geschikte nieuwbouwlocaties

De laatste tijd gaan er juist steeds meer stemmen op voor meer centrale regie in woningbouw. Er wordt onder meer opgeroepen om het ministerie van Ruimtelijke Ordening terug te brengen, dat in 2010 werd opgeheven. In veel gemeenten is een groot tekort aan geschikte nieuwbouwlocaties.

Vorig jaar riep de Tweede Kamer in een motie de gemeente Utrecht al op om haast te maken met woningbouw in het buitengebied. Die wil de komende jaren vooral binnenstedelijk bouwen.